Everyday-is-a-happy-day.jouwweb.nl

Ernstige zorgen over plantaardige oliën

(nr. 2 is echt eng)

 

plantaardige olie

Er is veel onenigheid over vetten in het dieet. Verzadigd vet werd er vroeger van beschuldigd dat het cholesterolverhogend was en dat het hartziektes veroorzaakte, maar inmiddels is er bewijs dat dit niet klopt (12). Om de een of andere reden wordt in voedingsadviezen nog steeds aangeraden dat we plantaardige olie moeten nemen in plaats van verzadigde vetten zoals boter. Het gaat onder andere om sojaolie, katoenzaadolie, canola, saffloerolie, zonnebleomolie en druivenpitolie (en nog een paar andere).

Plantaardige oliën zouden het cholesterolniveau omlaag brengen en dat zou moeten helpen om hartziektes, de grootste doodsoorzaak ter wereld, te voorkomen. Maar….veel studies hebben ernstige bedenkingen bij deze oliesoorten (3). Hoewel het LDL cholesterol lager wordt, kunnen ze rampzalige gevolgen hebben voor andere aspecten van de gezondheid en de stofwisseling.

Hier volgen 11 redenen om plantaardige olie te mijden als de pest:

1. Plantaardige olie bevat extreem veel omega 6 linolzuur
Je hebt waarschijnlijk wel eerder gehoord van omega 3 en omega 6 vetzuren. Deze vetzuren zijn meervoudig onverzadigd, wat betekent dat hun chemische structuur ze veel dubbele bindingen heeft. Ze worden vaak essentiële vetzuren genoemd, omdat het lichaam de enzymen mist om ze zelf te produceren. Deze vetzuren spelen een belangrijke rol in veel biochemische processen, zoals processen die te maken hebben met ontstekingen, immuniteit en bloedklontering.

Het probleem is, dat we omega 3 en 6 in een bepaalde verhouding nodig hebben. Als er geen goede balans is, kunnen de genoemde processen verstoord worden (4). Deze twee vetzuren strijden soms om dezelfde enzymen en dezelfde plaatsen op de celmembranen (56). Daarbij hebben ze vaak gerelateerde maar aan elkaar tegengestelde rollen. Beide worden ze bijvoorbeeld gebruikt om signaalmoleculen genaamd eicosanoïden te produceren. Eicosanoïden die van omega 6 worden gemaakt zijn vaak ontstekingsbevorderend, terwijl ze juist ontstekingsremmend zijn als ze van omega 3 worden gemaakt (78).

Tijdens de hele evolutie hebben we evenwichtige hoeveelheden van zowel omega 3 als 6 gegeten. Het probleem tegenwoordig is dat de balans drastisch in de richting van omega 6 is doorgeslagen. Men eet niet alleen veel te veel omega 6, maar de omega 3 inname is extreem laag, wat een recept voor rampspoed is. Terwijl vroeger onze omega 6 : omega 3 verhouding ongeveer 1:1 tot 3:1 geweest zal zijn, is de verhouding tegenwoordig ongeveer 16:1….wat ver buiten de evolutionaire normen ligt (9).

Plantaardige oliën zijn veruit de grootste bronnen van omega 6 vetzuren in het dieet. Ze zijn vooral rijk aan het omega 6 vetzuur linolzuur. Dit vetzuur veroorzaakt een hele reeks problemen als er teveel van wordt geconsumeerd…..vooral als er maar weinig omega 3 wordt ingenomen (wat meestal het geval is).

Kortom: Plantaardige olie is rijk aan een omega 6 vetzuur genaamd linolzuur, wat kan bijdragen aan allerlei problemen bij een grote hoeveelheid.

2. Linolzuur stapelt zich op in celmembranen
Vetten zijn meer dan alleen een bron van energie. Sommige hebben krachtige biologische werkingen en sommige blijven in het lichaam waar ze worden gebruikt voor structurele en/of functionele doelen. Het blijkt dat linolzuur, de belangrijkste vetzuursoort in plantaardige oliën, zich ophoopt in de vetcellen van het lichaam en in de celmembranen (1011).

De grafiek hieronder is samengesteld door Dr. Stephan Guyenet. Hij is gebaseerd op 6 verschillende onderzoeken die de hoeveelheid linolzuur in het lichaamsvet hebben gemeten tussen 1961 en 2008 (12,1314151617).

Linoleenzuur in lichaamsvet, VS, 1961-2008

Linolzuur in lichaamsvet, VS, 1961-2008

Dit betekent dat onze buitensporige consumptie van plantaardige oliën zelfs leidt tot structurele veranderingen in onze lichaamsweefsels. Het linolzuurgehalte in borstvoeding is ook aanzienlijk toegenomen (18). Ik weet niet wat jij ervan vindt, maar ik vind het behoorlijk eng.

Kortom: Uit onderzoek blijkt dat het linolzuurgehalte in menselijke vetcellen en celmembranen drastisch is toegenomen in de afgelopen paar decennia.

3. Linolzuur eten verhoogt oxidatieve stress en draagt bij aan endotheel disfunctie
Zoals eerder gezegd, hebben meervoudig onverzadigde vetten zoals linolzuur twee of meer dubbele bindingen in hun chemische structuur. Dit maakt ze gevoelig voor schade door vrije radicalen, zeer reactieve moleculen die constant in het lichaam worden aangemaakt (19). Daar zijn antioxidanten voor, die helpen de vrije radicalen te neutraliseren. Als de vrije radicalen in het lichaam talrijker zijn dan de antioxidanten, leidt dit tot een aandoening genaamd oxidatieve stress. Het wekt dan ook geen verbazing – meervoudig onverzadigde vetten zijn gevoeliger voor schade door vrije radicalen – dat studies hebben aangetoond dat een hoge inname van linolzuur kan bijdragen aan oxidatieve stress (20). In één gecontroleerd onderzoek kregen proefpersonen een dieet met veel omega 6 linolzuur, vooral uit zonnebloemolie (21). Na 4 weken waren de markers voor oxidatieve stress in het bloed flink verhoogd. Iets anders wat werd opgemerkt was dat de bloedmarkers voor stikstofoxide (NO) waren verlaagd. Stikstofoxide is een signaalmolecuul, geproduceerd door het endotheel, de dunne laag cellen die de binnenkant van de bloedvaten bekleedt. Het helpt de bloedvaten te verwijden en de bloeddruk laag te houden. Een verlaagd stikstofoxidegehalte is het beginstadium van endotheel disfunctioneren. De vaatwandbekleding werkt niet meer op de juiste manier (22).

Uit een ander onderzoek in reageerbuisjes blijkt dat linolzuur ontstekingsbevorderend werkt in endotheelcellen (23). Een stoornis in het endotheel is feitelijk één van de eerste stappen op weg naar hart- en vaatziektes (24).

Kortom: Linolzuur uit plantaardige olie verhoogt de oxidatieve stress in het lichaam, wat bijdraagt aan een stoornis in het endotheel. Dit is een stap in de richting van hart- en vaatziekte.

4. Plantaardige oliën verlagen het LDL-niveau, maar ook het HDL
Eén van de belangrijkste redenen waarom plantaardige oliën (abusievelijk) als gezond worden gezien, is dat ze het totale cholesterolgehalte en het LDL cholesterol kunnen verlagen. Zoals de meeste mensen weten, wordt LDL vaak het ‘slechte’ cholesterol genoemd.

Dit wordt ook ondersteund door de wetenschap….uit talrijke studies blijkt dat het eten van plantaardige olie LDL kan verlagen, een goed gedocumenteerde risicofactor voor hart- en vaatziektes (252627).

Maar….het is belangrijk om niet te vergeten dat dit alleen een risicofactor is, niet de ziekte zelf. Waar het echt om gaat is hoe plantaardige olie feitelijke ziektes beïnvloedt, zoals een hartziekte of andere ziektes en het risico op overlijden. Het is trouwens ook zo dat plantaardige olie ook het HDL-niveau enigszins blijkt te verlagen, wat slecht is want een hoog HDL-gehalte wordt in verband gebracht met een laag risico op hartziekte (2829).

Kortom: Het is waar dat plantaardige olie het totale cholesterolgehalte en het LDL-gehalte kan verlagen. Maar het verlaagt ook het ‘goede’ HDL cholesterolgehalte.

5. Plantaardige oliën verhogen geoxideerd LDL lipoproteïne
Datgene wat men ‘LDL cholesterol’ noemt, is eigenlijk geen cholesterol.

LDL staat voor Low Density (Lage Dichtheid) Lipoprotein, waarbij ‘protein’ het eiwit is dat cholesterol in de bloedstroom brengt. Eén van de cruciale stappen in het proces van hartziekte, is oxidatie van Low Density Lipoprotein, waardoor deeltjes gevormd worden die geoxideerde LDL-deeltjes genoemd worden, ofwel ox-LDL (30). Dit zijn LDL-deeltjes die zich aan de binnenkant van de aderen opstapelen (31).

Meervoudig onverzadigde vetten uit plantaardige olie vinden inderdaad hun weg naar LDL lipoproteïnen, wat het veel waarschijnlijker maakt dat ze oxideren en ox-LDL-deeltjes vormen (323334353637).

Kortom: Plantaardige olie verhoogt de gevoeligheid van LDL-lipoproteïnen om te oxideren, een cruciale stap in de ontwikkeling van hartziekte.

6. Sommige studies brengen plantaardige olie in verband met verhoogd risico op hartziekte en overlijden
Hart- en vaatziektes zijn de meest voorkomende oorzaak van overlijden in de wereld. Het bewijs aangaande plantaardige oliën en deze ziektes is nogal gemengd. Het gebruik ervan is zeer controversieel.

De beste manier om te bepalen hoe ze hartziektes beïnvloeden, is door te kijken naar de gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken, waarbij grote groepen mensen jarenlang plantaardige olie te eten krijgen. Gelukkig zijn er veel van zulke onderzoeken gedaan. Uit drie daarvan bleek geen significant effect (383940)…maar drie andere vonden wel een verhoogd risico op hartziektes (414243).

Twee studies vonden een positief effect, maar één daarvan bevatte een aantal fouten (4445). Er wordt vaak gezegd dat ‘meervoudig onverzadigde vetten’ hart- en vaatziektes voorkómen, maar het is een enorme misvatting om alle onverzadigde vetten op één hoop te gooien, want deze categorie omvat zowel omega 3 als omega 6 vetzuren. Uit één overzichtsonderzoek waarin studies werden vergeleken waarin mensen een gemengd omega 3 en omega 6 dieet kregen, werd een beschermend effect gevonden. Maar als gekeken werd naar onderzoeken waarbij alleen werd geadviseerd om meer omega 6 (uit plantaardige olie) te eten, bleek dat het risico op hartziekte was toegenomen met 16%. Het effect was niet statistisch significant, maar het zat er dicht bij (46).

Het is wel weer zo dat uit verscheidene observationele studies blijkt dat consumptie van deze oliën in verband staat met een verminderd risico op hartziektes (4748). Maar… observationele studies kunnen geen oorzakelijk verband aantonen, ze zijn vooral handig om hypotheses mee te ontwikkelen als basis voor verdere studies.

Als we tegenstrijdige informatie uit observationeel en uit gecontroleerd onderzoek hebben, moeten we ons baseren op wat de gecontroleerde onderzoeken zeggen…..want dat zijn de enige onderzoeken die wel een oorzakelijk verband kunnen aantonen. Als we kijken naar het best beschikbare bewijs, dan lijkt het eten van plantaardige olie hartziekte eerder te veroorzaken dan te voorkomen.

Kortom: Het bevindingen omtrent plantaardige oliën en hart- en vaatziekte zijn gemengd, maar uit verscheidene kwalitatief goede onderzoeken blijkt dat ze het risico op hart- en vaatziekte vergroten.

 7. Plantaardige olie is een ramp bij het koken
Zoals hierboven al vermeld, is één van de problemen met de vetzuren in plantaardige olie dat ze reageren met zuurstof. Dit gebeurt niet alleen binnen in het lichaam, maar ook als de olie wordt verhit. Daarom is het een zeer slecht idee om het te gebruiken bij het koken.

Vergeleken met hittebestendige vetten zoals verzadigde vetten en enkelvoudig onverzadigde vetten, produceren plantaardige oliën bij het koken grote hoeveelheden ziektebevorderende bestanddelen (4950). Sommige van deze schadelijke stoffen verdampen en kunnen bijdragen aan longkanker als ze worden ingeademd. Gewoon aanwezig zijn in een keuken waar plantaardige olie wordt gebruikt kan het risico op longkanker al verhogen (5152).

Kortom: Plantaardige olie bevat veel onverzadigde vetzuren, die gemakkelijk beschadigd raken bij het koken en zelfs kunnen verdampen, waarbij stoffen vrijkomen die kunnen bijdragen aan longkanker als ze worden ingeademd.

8. Plantaardige olie kan het risico op kanker vergroten
Er is enig bewijs dat plantaardige oliën het risico op kanker kunnen verhogen. Omdat ze zeer reactieve vetzuren bevatten die in celmembranen zitten, dragen ze bij aan oxidatieve schade. Als vetzuren in membranen oxideren, kunnen ze kettingreacties veroorzaken. Als je het celmembraan beschouwt als een wolk, lijken de kettingreacties op kleine bliksemflitsen die daar doorheen schieten. Deze reacties kunnen belangrijke moleculen in de cel beschadigen. Niet alleen de vetzuren in het celmembraan, maar ook andere structuren zoals eiwitten en DNA. Ze kunnen ook verschillende kankerbevorderende stoffen binnen de cellen vormen (53). Door het DNA te beschadigen, verhogen deze soorten olie het risico op schade die op den duur weer bijdraagt aan een verhoogd risico op kanker. In een 8 jaar durend gecontroleerd onderzoek, overleed de groep die verzadigd vet had ingewisseld voor plantaardige olie bijna twee keer zo vaak aan kanker. Het verschil was niet helemaal statistisch significant, maar het scheelde niet veel (54).

Bovendien blijkt uit talrijke observationele studies dat er een sterke associaties tussen consumptie van plantaardige oliën en kanker bij mensen (5556575859). Dit wordt ondersteund door een veelheid aan studies met proefdieren, waaruit blijkt dat plantaardige olie het vóórkomen van kanker bij deze dieren opvoert….vooral borstkanker, het meest voorkomende type kanker bij vrouwen (606162).

Kortom: Verscheidene bewijsvoeringen lijken aan te tonen dat de consumptie van plantaardige olie het risico op kanker kan verhogen, wat logisch is gegeven het feit dat het de cellen vatbaarder maakt voor oxidatieve schade.

 9. Er is een verband tussen plantaardige olieconsumptie en gewelddadig gedrag
Eén van de plaatsen waar meervoudig onverzadigde vetten zich verzamelen is in de hersenen. Het brein bestaat zelfs voor ongeveer 80% uit vet. Een groot deel daarvan bestaat uit omega 3 en omega 6 vetzuren, ongeveer 15- 30% van het droge gewicht van de hersenen (63).

Als omega 6 vetzuren uit plantaardige olie strijden om dezelfde enzymen en dezelfde plekken op de celmembranen als omega 3 vetten, dan is het logisch dat dit het functioneren van de hersenen ook wel zal beïnvloeden. Het is interessant om te zien dat uit onderzoek blijkt dat er een zeer sterke relatie is tussen plantaardige olieconsumptie en gewelddadig gedrag, inclusief moord. De grafiek hieronder laat de data uit één studie zien, waarbij gekeken is naar de omega 6 inname en de moordpercentages in 5 landen (64). Natuurlijk is een verband nog geen causaal verband, dus er is geen garantie dat plantaardige olie de toename van het aantal moorden veroorzaakt heeft, maar de statistische correlatie is wel frappant.

relatie tussen plantaardige olieconsumptie en moordcijfers

relatie tussen plantaardige olieconsumptie en moordcijfers

Kortom: Er zit een concentratie van meervoudig onverzadigde vetten in de hersenen. Velen geloven dat onze grote inname van plantaardige olie leidt tot problemen met de psychische gezondheid, waaronder gewelddadig gedrag.

 10. Plantaardige oliën zijn sterk geraffineerde en bewerkte voedingsmiddelen zonder gunstige voedingsstoffen
Er is één zaak waarover de meeste voedingsdeskundigen het eens zijn, namelijk dat volwaardige voeding het best is. Onbewerkte, volwaardige voedingsmiddelen zijn meestal veel rijker aan voedingsstoffen en gezonder dan hun bewerkte tegenhangers.

Maar de meeste plantaardige oliën zijn sterk bewerkt….de meest gebruikelijke manier om ze uit hun zaden te persen is via ruwe chemische processen, waarbij wordt gebleekt, ontgeurd en de giftige stof hexaan wordt toegevoegd. Daardoor zijn zo ongeveer alle vitamines en fytonutriënten uit deze oliën verwijderd na bewerking. En daarom kun je ze absoluut definiëren als ‘lege’ calorieën.

Kortom: De meeste plantaardige oliën zijn sterkt bewerkte en geraffineerde producten, waarin totaal geen essentiële voedingsstoffen meer zitten.

11. De meest verkochte plantaardige oliën zitten vol met transvetten
Het kan haast niet anders of je hebt wel eens iets gehoord over transvetten. Dit zijn onverzadigde vetten die chemisch gemodificeerd zijn om hun vaste vorm bij kamertemperatuur te behouden. Ze worden meestal gevonden in zwaar bewerkte voedingsmiddelen. Ze zijn zo giftig dat regeringen over de hele wereld wetten hebben gemaakt om te zorgen dat ze uit voedsel worden verwijderd. Maar….wat de meeste mensen niet weten, is dat plantaardige oliën aanzienlijke hoeveelheden transvetten bevatten.

In een onderzoek op gewone sojaolie en canola olie in de supermarkten in de VS, bleek dat er een percentage 0,56% tot 4,2% van de totale vetzuren in deze oliesoorten uit transvetten bestond. Dit zijn enorme hoeveelheden (65). Opvallend genoeg wordt het transvetgehalte zelden genoemd op het etiket.

Om over na te denken
Er bestaan veel gezonde vetten die door de mens al honderden jaren lang worden gegeten zonder enig probleem (voordat alle ‘moderne’ ziektes een probleem werden). Het gaat dan  om extra vergine olijfolie (de beste keus) en om kokosolie en grasgevoerde boter….die zijn allemaal uitzonderlijk gezond binnen een evenwichtig dieet, gebaseerd op echt, volwaardig voedsel. Helaas kan hetzelfde niet gezegd worden over plantaardige oliën. Dit zijn geraffineerde en bewerkte vetten die ernstige schade blijken te veroorzaken, zoals uit talrijke onderzoeken blijkt. Als je gezondheid je lief is en je wilt chronische ziektes vermijden, dan raad ik je aan om plantaardige olie te mijden alsof je leven ervan afhangt….want dat is ook zo. (Met toestemming vertaald)